Begin hier

Het bekendste Sinterklaasspel is het dobbelspel: iedereen koopt een paar kleine, ingepakte cadeautjes, die worden met een dobbelsteen verdeeld en geruild. Wil je meer afwisseling, voeg dan opdrachten, een rebus, een zoektocht of een quiz toe.

Sinterklaas dobbelspel: de spelregels

Vrienden gooien om de beurt met een dobbelsteen, cadeautjes liggen op tafel

Het dobbelspel (ook wel sinterklaasspel met dobbelsteen of pakjesspel) is een spel voor pakjesavond waarmee je cadeautjes verdeelt. Het wordt in twee rondes gespeeld en je hebt weinig nodig.

Benodigdheden

  • Eén gewone dobbelsteen.
  • Een paar kleine ingepakte cadeautjes per persoon, meestal drie tot vijf, ongeveer even groot. Denk aan een chocoladeletter, een pen, haarspeldjes of iets uit de eurowinkel. Pepernoten, kruidnoten of muntjes kunnen ook.
  • Een wekker of kookwekker voor ronde 2.
  • Eventueel een uitgeprint blad met wat elke worp betekent.

Alle pakjes komen op één stapel in het midden van de tafel en de groep zit in een kring, want pakjes gaan naar links en rechts.

Wat betekent elke worp?

  1. 1, pakken: pak een pakje van de stapel.
  2. 2, naar links: geef een pakje door aan de persoon links van je.
  3. 3, naar rechts: geef een pakje door aan de persoon rechts van je.
  4. 4, ruilen: ruil een pakje met iemand die je zelf kiest.
  5. 5, niets: je beurt is voorbij.
  6. 6, uitpakken: pak een pakje uit.

Ronde 1: de pakjes verdelen

De jongste speler begint en daarna gooit iedereen om de beurt, met de klok mee, en voert de worp uit. Uitpakken mag al in deze ronde, maar hoeft niet, want pakjes kunnen in ronde 2 nog van plek wisselen. De ronde eindigt zodra de stapel in het midden leeg is. Spreek vooraf af wat er gebeurt als iemand een worp niet kan uitvoeren, bijvoorbeeld omdat hij nog geen pakje heeft: meestal is de beurt dan gewoon voorbij.

Ronde 2: ruilen tot de wekker gaat

Zet de wekker op 15 tot 20 minuten en blijf gooien. Pakjes gaan nu van hand tot hand: doorgeven, ruilen en soms uitpakken. Gaat de wekker af, dan stopt het spel direct. Wat je op dat moment voor je hebt, is van jou en dat mag je uitpakken. Geef daarom in ronde 1 gerust je mooiste pakje weg: je kunt het in ronde 2 terugkrijgen. Niet iedereen eindigt automatisch met evenveel cadeautjes.

Andere versie van de worpen

Er circuleert ook een versie waarin elke ronde eigen worpen heeft. In ronde 1 betekent 1: pak een cadeau en pak het uit, 2: alle cadeaus schuiven één plek naar links, 3: pak een cadeau en geef het aan iemand anders, 4: alle cadeaus schuiven één plek naar rechts, 5: pak een cadeau zonder het uit te pakken en 6: pak een cadeau van iemand anders. In ronde 2 is 1: geef een cadeau aan iemand anders, 2: alles één plek naar links, 3: pak een cadeau van iemand anders, 4: alles één plek naar rechts, 5: iedereen ruilt één cadeau met iemand anders en 6: iedereen geeft een cadeau aan de persoon links van zich. Print de regels groot uit of zet ze op een scherm, zodat iedereen kan meelezen.

Dobbelspel voor volwassenen en grote groepen

Volwassenen aan een lange tafel met kleine ingepakte cadeautjes en een kookwekker

Voor volwassenen werkt het spel net zo goed als voor kinderen, zolang je een paar afspraken maakt.

  • Budget: spreek vooraf af hoeveel iedereen uitgeeft, per cadeau of voor alle pakjes samen. Dan is het voor iedereen eerlijk.
  • Soort cadeau: kies pakjes die bij meerdere mensen passen, zoals een spelletje, pen en notitieboekje, sokken, een mok of iets lekkers. Houd ze klein en ongeveer even groot, want ze gaan de hele avond rond. Een gek cadeautje wordt vaak juist het pakje waar iedereen om vecht.
  • Persoonlijke cadeaus: leg die apart, niet tussen de ruilpakjes.
  • Uitleg vooraf: leg de regels voor je begint uit en houd het blad met de worpen bij de hand.

Varianten

  • Grote groep: bij meer dan tien deelnemers gebruik je twee dobbelstenen en twee stapels, één aan elke kant van de tafel. Geef iedereen minder pakjes, anders duurt ronde 1 erg lang. Je kunt de groep ook in twee kringen splitsen.
  • Snelle versie: sla ronde 1 over, verdeel de pakjes gelijk en zet de wekker op tien minuten. Dan wordt alleen doorgegeven, geruild en uitgepakt.
  • Evenveel cadeautjes: verdeel na ronde 1 de pakjes zo dat iedereen er drie heeft. In ronde 2 wordt elke actie waarbij iemand geeft of pakt een ruilactie: één cadeau gaat weg en één komt terug.
  • Met pepernoten: iedereen begint met een handjevol pepernoten, kruidnoten of muntjes. Wie na de laatste ronde de meeste heeft, wint. Handig voor een klas of grote groep.
  • Kleuterversie: bij 1, 2 en 3 pak je een pakje, bij 4, 5 en 6 mag je uitpakken. Voor jonge kinderen die doorgeven en ruilen nog lastig vinden.
  • Jokerkaarten voor kinderen: geef elk kind een joker. Van jong naar oud zetten ze die in om na afloop een cadeau te ruilen; een pakje dat met een joker is gekozen, blijft bij dat kind.
  • Kind met volwassene: overleg samen welk pakje geruild wordt. Dat is makkelijker te volgen.

Bij jonge kinderen is het goed om te kijken of ruilen hen blij maakt of verdriet geeft, en de regels zo nodig aan te passen. Reken niet op een vaste totale speelduur: ronde 2 duurt 15 tot 20 minuten, maar het verdelen en uitpakken kost bij een grote groep veel tijd.

Sinterklaasspel met opdrachten

Kinderen vouwen een papieren bootje en leggen woorden met chocoladeletters

Een opdracht tussendoor maakt het dobbelspel levendiger: wie een cadeautje wil, doet eerst een opdracht. Je kunt ook opdrachtkaartjes aan de eigen cadeaus hangen, zodat eerst de opdracht komt en daarna het pakje open mag. Deze acht opdrachten zijn bedoeld voor oudere kinderen, in groepjes of individueel.

  1. Sinterklaasliedjes: noem binnen één minuut tien sinterklaasliedjes.
  2. Snoeprondje: noem binnen één minuut zes soorten sinterklaassnoep, zoals pepernoten, kruidnoten, chocoladeletters, schuimpjes, taaitaai en marsepein.
  3. Pepernotenrecept: noem drie ingrediënten van pepernoten. Goed zijn onder meer zelfrijzend bakmeel (of meel met bakpoeder), basterdsuiker, speculaaskruiden, boter en melk.
  4. Papieren bootje: vouw zo snel mogelijk een bootje van papier.
  5. Inpakwedstrijd: pak binnen vijf minuten minimaal vijf cadeaus in.
  6. Pietenkunstje: laat samen een kunstje zien, zoals een handstand, een koprol, jongleren of een menselijke piramide.
  7. Chocoladeletters leggen: leg de voorgelezen woorden zo snel mogelijk met chocoladeletters: PIET, SINT, PAARD, BOOT en MIJTER.
  8. Staf van Sinterklaas: bouw zo snel mogelijk een staf van minimaal 1,5 meter met wc- en keukenrolletjes. De staf moet een krul hebben.

Zoek je meer opdrachten voor een feestje? Kijk dan bij grappige opdrachten.

Sinterklaas rebus en cadeautjes zoeken

Een gedicht en een rebus op papier naast een schoen en een bord pepernoten

Een rebus is een raadsel van plaatjes en letters. Verstop er een hint in over waar het cadeau ligt, zoals “kijk maar eens in je schoen”, of maak een rebus van een regel uit je sinterklaasgedicht. Voorbeeldzinnen: “de sint komt vanavond met zijn paard”, “de stoomboot vaart de haven binnen” en “strooi de pepernoten door de kamer”.

Zo werkt een rebus

  • Een plaatje staat voor een woord of woorddeel. Met een minteken haal je letters achter het plaatje weg: een boom met “−M” wordt “boo”.
  • Met een isgelijkteken wissel je één letter om: een haan met “H=G” wordt “gaan”.
  • Letters die geen plaatje kunnen worden, staan in hoofdletters. Een plusteken verbindt delen van hetzelfde woord.
  • Lees de rebus hardop. Klopt de klank, dan klopt de rebus, ook als de spelling afwijkt.
  • Kies korte woorden met herkenbare klankgroepen, zoals boom, kat, ei, hart of oog, en houd de zin kort, bij voorkeur vier tot zes woorden.

Zoektocht naar verstopte cadeaus

Bij een zoektocht vinden spelers de verstopte cadeaus aan de hand van aanwijzingen. Die aanwijzingen kun je op verschillende manieren geven: met een plattegrond van het huis waarop kruisjes staan, met een rijmpje dat naar de volgende plek leidt, met een kruiswoordpuzzel waarin het verstopplekje verborgen zit, of met een rebus.

Leg bij elke verstopplek een nieuw briefje, zodat de zoektocht een route door het huis wordt. Vier tot zes plekken is genoeg: denk aan de wasmand, de koelkast, onder de kapstok en natuurlijk bij de schoen. Laat jonge kinderen in tweetallen zoeken en geef oudere kinderen moeilijkere rijmpjes. Het laatste briefje leidt naar de zak van Sinterklaas met alle pakjes.

Sinterklaasquiz, liedjes en bingo

Vrienden kijken samen op een telefoon naar een quizvraag over Sinterklaas

Een sinterklaasquiz kun je zelf maken, ook met persoonlijke vragen, of je speelt een bestaande quiz online. Wil je een pubquiz-achtige avond? Bekijk dan de pubquiz vragen.

SinterklaasquizMaak een quiz over Sinterklaas

Kies een eigen thema in de AI-quiz, nodig iedereen uit en beantwoord de vragen op je eigen telefoon.

Start de quiz

Maak de zin af

Kies een lijst met sinterklaasliedjes en bepaal vooraf wanneer je het geluid afkapt. De spelers moeten de ontbrekende regel zelf aanvullen.

MuziekspelRaad de melodie

Speel een muziekronde met je groep in een RoomPlay-kamer.

Speel Raad de melodie

Muziekbingo en pepernotenbingo

  • Muziekbingo: spelers kruisen vakjes aan terwijl er fragmenten van 30 seconden uit sinterklaasliedjes klinken. Wie een volle kaart heeft, wint.
  • Pepernotenbingo: net als gewone bingo, maar je dekt de getallen af met pepernoten. Kleine prijsjes in sinterklaasstijl maken het af.
  • Bingokaarten zelf maken: gebruik kaarten van 5 x 5 vakjes met sinterklaasplaatjes en geef elke kaart een andere volgorde, zodat niet iedereen tegelijk wint. Wie als eerste een volle rij of kaart heeft, mag een cadeau uitpakken.

Sinterklaas spelletjes voor kinderen

Kinderen happen naar taaitaaipoppetjes aan een lijn met hun handen op de rug

Deze spelletjes werken zonder cadeautjes.

  1. Ozosnel-prik: een variant op ezeltje-prik met het paard van Sinterklaas. Teken een groot wit paard op papier of karton en maak een staart van wol met een punaise erin. Geblinddoekt probeert elk kind de staart op de goede plek te prikken; wie het dichtstbij zit, wint.
  2. Zaklopen: een race in jutezakken, eventueel om pionnen heen als extra uitdaging.
  3. Pepernoten stapelen: wie stapelt de meeste pepernoten op elkaar? Met snoep en chocoladepepernoten wordt het moeilijker.
  4. Taaitaaihappen: hang taaitaaipoppetjes aan een lijn. De kinderen happen met hun handen op de rug en wie als eerste een poppetje van de lijn hapt, wint.
  5. Speculoosrace: twee groepen staan in een rij. Het voorste kind krijgt speculoospasta op de neus, die met de neus wordt doorgegeven tot het laatste kind. De snelste groep wint.
  6. Kindje inpakken: elk groepje pakt één kind zo snel mogelijk in met inpakpapier en plakband. Laat het gezicht vrij. De snelste en netste groep wint.
  7. Wortelpoepen: bind een wortel aan een touwtje en knoop dat om het middel, zodat de wortel achter het kind bungelt. Wie de wortel als eerste zonder handen in een fles op de grond laat zakken, wint.
  8. Cadeaugooien: blikgooien, maar dan zijn de blikken ingepakt als cadeautjes. Gooi met een zachte bal of een prop pakpapier.
  9. Snoepgoedhappen: zoek met je mond, handen op de rug, spekjes of dropjes in een bak met bloem. Witte snuiten gegarandeerd.
  10. Pepernotenmemory: leg onder omgekeerde papieren bekers steeds een aantal pepernoten, telkens twee bekers met hetzelfde aantal. Om de beurt til je twee bekers op. Is het een paar, dan mag je de pepernoten opeten en de bekers houden. Wie aan het eind de meeste bekers heeft, wint.

Meer ideeën voor een avond met vrienden en familie vind je bij gratis online spelletjes met vrienden, of bekijk het hele spelaanbod van RoomPlay.